GDP
Interview only in dutch
Ingrid Bosman
Niks groters dan het moederschap
Threes Anna legt in Motormoeder loden last van kinderen bloot
Treiterende broertjes, een moeder die haar carriëre ziet stranden op het eindeloze geredder, vriendinnen die na de conceptie veranderen in brabbelende weekdieren en overal vaders die uitblinken door afzijdigheid. Voor Veronica Land, de hoofdpersoon uit Motormoeder, is het een remedie tegen de kinderwens. Toch is het boek geen aanklacht tegen het moederschap, zegt schrijfster Threes Anna. 'r bestaat niks groters. Maar niemand die zegt hoe zwaar het is.'
Ze is zelf bewust kinderloos. En daarom, verwacht Threes Anna, zal ze zich voor dit boek vaak moeten verantwoorden. 'Ik werd gebeld door de redactie van een radioprogramma.' Ze imiteert een dreigende stem. 'De interviewster is zelf moeder, hoor!' Een brede lach. 'Ik vind dat juist leuk. Anders ben je waarschijnlijk snel uitgepraat.' En waarom zou zij geen boek over moederschap kunnen schrijven? Misschien is ze wel de aangewezen persoon, suggereert ze. Ze wordt immers niet gehinderd door een emotionele binding met kinderen. 'Het is iets waar ik veel over kan vertellen. Juist als niet-moeder kun je heel veel zien. Ik zet de wereld van Veronica, die geen kinderen wil, af tegen een wereld waarin vrouwen wel kinderen krijgen.'
Door de ogen van Veronica Land ziet de lezer een stoet modderende, worstelende en schipperende moeders aan zich voorbij trekken. Genadeloze, maar ook hilarische beelden. 'Om mijn vorige boek is veel gehuild, nu kan er ook worden gelachen. Ik wilde het licht houden', vertelt Threes Anna. In haar autobiografische debuutroman De kus van de weduwe (2003) beschreef ze het rouwproces na de dood van haar partner. 'Toen het klaar was dacht ik, he lekker, dat schrijven, ik wil er nog een.' Met een auto vol materiaal reed ze naar de Cote d'Azur, waar ze zich in het schrijvershuisje van Annie M.G. Schmidt terugtrok. 'Heerlijk, het is toch alsof je elke dag een toneelstukje speelt. Ook al zit je dan in je eentje achter de computer.'
Dat gevoel werd versterkt door de vorm van het boek, waarbij Threes Anna, zelf van 1959, een tijdsspanne van ruim veertig jaar letterlijk stukje voor stukje beschrijft. Ook het perspectief verandert voortdurend: de innerlijke dialogen van Veronica worden afgewisseld met inkijkjes bij en observaties van buren, vrienden, klasgenoten, familieleden. 'Ik ben echt per keer in die tijd gestapt, zo van, nu is Veronica elf en ze fiets naar school in haar nieuwe corduroy pak.' Met de bijbehorende taal ook. Als de kleine Veronica in staccato-zinnen de pandemonia in huize Land beschrijft wil je ook als lezer het liefst gillend de kamer uitvluchten. Jongerentaal uit de jaren '70, krakersjargon uit de jaren '80. Zo volgt het boek Veronica, van de dreumes die niet weet wat ze aanmoet met de broertjes-drieling die er op een dag in de wieg ligt tot de volwassen vrouw die onder druk van haar omgeving worstelt met het dilemma wel of geen kind. Hoe fragmentarisch het boek ook is, het biedt en passant wel een mooi tijdsbeeld. De eerste maanlanding, de autoloze zondag, sherry en Belinda-sigaretten, ontruimingen van kraakpanden; retro-gevoelige veertigers vallen van de ene herkenning in de andere.
In een oude schoolagenda vond ze een tekening van een hand die een glas wijn vasthoudt. 'Geen idee waarom ik dat toen heb getekend en bewaard.' Maar het kwam wel van pas, want ook het boek is rijk geillustreerd. Met tekeningen en schilderijen, beschreven in woorden en omlijst met een kaderlijntje. Al vanaf haar prille jeugd verwerkt Veronica haar belevenissen in tekeningen en later wordt ze een gevierd kunstenares. 'Ik zocht een beroep waarvoor al in de babytijd de basis kon worden gelegd. Zingen had ook gekund, maar dat vond ik teveel in de buurt komen van de moeder, die pianiste is. Ik probeerde het met tekeningen, die ik eerst in m'n hoofd maakte en daarna in woorden omzette. Het klikte goed.' Wat ook weer niet zo verwonderlijk is voor een beeldend ingestelde vrouw als Threes Anna, die eerder artistiek leider was van locatietheater-gezelschap Dogtroep en inmiddels ook een aantal jaren als filmmaker werkt.
Er mag een autobiografische zweem over het boek hangen, toch is Veronica Land geen Threes Anna. 'Voor de fantasie is het lekkerder, als het niet over mezelf gaat. Ik wilde echt de ontwikkeling van die vrouw laten zien.' De druk van buitenaf die Veronica daarbij krijgt te verduren heeft zij zelf nooit zo ervaren. 'Er is nooit op me ingepraat. En ik heb gelukkig ook nooit een partner gehad die graag kinderen wilde. Mijn moeder vroeg me ooit hoe ik het zou gaan doen als ik kinderen zou krijgen. Dan stuur ik ze naar kostschool, zei ik. Daar had ze mijn moeder zelf ook op gezeten. Hoor je wel wat je zegt? reageerde ze. Hoezo, naar kostschool, je neemt kinderen of je neemt ze niet. Dat vond ik eigenlijk wel een wijs advies.'
Er wordt vaak lichtvaardig omgesprongen, vindt Threes Anna, met de enorme verantwoordelijkheid van het ouderschap. 'Als ik mensen hoor roepen, wij willen een kind want we willen wel eens zien wat voor mens wij samen produceren nou zeg! Dan moet ik al overgeven. Als je in deze wereld een kind neemt, want je krijgt ze niet meer, je neemt ze, doe het dan tenminste bewust.' Natuurlijk is ze niet tegen het moederschap, zegt ze. 'Zonder kinderen houdt de wereld op te bestaan. Maar moeder zijn is gewoon hartstikke zwaar en saai. Het mag alleen niet gezegd worden, en al helemaal niet door niet-moeders. Waarom trekken zoveel vrouwen het niet meer, krijgen ze een burn out? Mijn eigen moeder incluis. Ik geef geen oordeel in dit boek, maar ik kan heel goed laten zien hoe het is, juist omdat ik geen moeder ben.'
Voor sommigen wordt het dan juist bedreigend. 'Ik liet het mijn schoonzus lezen. In dat weekend logeerde haar zoon van negen hier. Ze zei dat ze dat achteraf een eng idee had gevonden.' De schrijfster moet er wel om lachen. 'Grappig toch, ze kent me al zo lang. Ja, ze meende het echt. Misschien zou ben ik wel heel onaardig zijn.'
Bij motorliefhebbers die haar boek lezen zal ze weinig kwaad kunnen doen. Precies zo lyrisch als moeders hun kroost kunnen ophemelen, zo beschrijft Threes Anna in Motormoeder het mysterie van het motorrijden. Daarin is het boek, beaamt ze, wel onversneden autobiografisch. Ze voelt de motor, daar is niks aan verzonnen. Voor mij is het boek een ode aan de motor, hoor.' Haar BMW R80 GS, 'een 800 cc off the road', staat tijdelijk geparkeerd in de etalage van de hoofdstedelijke boekhandel Scheltema, ter promotie van het boek. 'Ik rij 's winters toch niet meer. Te koud.'
Voor Veronica is de motor haar kind, erkent ze. 'Oh ja, absoluut.' Wie meteen de laatste bladzijde van Motormoeder opslaat om te weten of ze ook nog een echte baby krijgt, wordt vakkundig misleid. 'Ik wilde graag dat ze ja zou zeggen en toch nee. Het moest er allebei in zitten.' Is het projectie, of moeten we dit toch zien als het bewijs dat de worsteling voor Threes Anna zelf groter is geweest dan ze wil toegeven? Als dat zo is, dan is het onbewust. Echt, het komt niet in me op. Ik ben niet zo van de psychologie. Ik volg alleen maar m'n intuïtie, en schrijf op wat ik zie. En dan is het moederschap, stelt ze vast, in alles het Echte Leven. 'Naast de dood geloof ik niet dat er iets groters bestaat.' Voor haarzelf is het t groot. 'Ik denk niet dat ik ze zou kunnen geven wat ik zelf zou willen krijgen, als kind.'
20 January 2005
