Opzij
Review only in Dutch.
Recensie in Opzij, door Janet Luis 11 november 2006
De stille stad
'Buikje open, ingewanden eruit, kop eraf, graat mee.' Dit mompelt Rosa, de hoofdpersoon van De stille stad, de derde roman van Threes Anna, voor zich uit als zij haar zoveelste vis fileert. Rosa, die als kok werkt in een Nederlands restaurant, is op aandringen van haar baas naar Tokio gereisd om beter vis te leren bereiden. Zij wordt een van de vele leerlingen van meneer Hon, die een vermaard visrestaurant drijft. Al gauw wordt haar duidelijk dat zij als vrouw en als vreemdelinge op weinig medewerking of sympathie hoeft te rekenen. Niemand blijkt het Engels machtig te zijn, op wat losse woordjes na. Dat levert conversaties op van dit type: 'You - beer? Yes - me - like - beer.' Meneer Hon is al net zo zwijgzaam en gesloten als iedereen in haar omgeving en laat haar niet in zijn keuken toe. Ze mag met de andere leerlingen toekijken als hij af en toe een grote, bijzondere vis opensnijdt, maar komt zelf niet verder dan het onbezoldigd fileren van gewone vissen voor het restaurant. De tonijn, waar meneer Hon zijn roem vooral aan dankt, is voor Rosa niet weggelegd. Vrouwen mogen van hem geen tonijn snijden. 'You - no,' zo vat een van haar collega's de kwestie bondig samen.
Threes Anna is een ware meester in het beschrijven van kleine en grote teleurstellingen. In korte, indringende zinnen maakt ze ons deelgenoot van de moeizame leertijd van Rosa: de kille omgeving, de desinteresse van meneer Hon, de slechte huisvesting, de akelige drukte in Tokio, de geldnood en vooral: de allesoverheersende eenzaamheid. De stille stad is geen vrolijk boek, maar ook niet loodzwaar; het is eerder opgewonden en nerveus van toon dan somber. Lang blijft de hoop bestaan dat het lot een gunstige wending zal nemen. Dat meneer Hon haar ineens w�l zal opmerken. Dat ze haar geld niet meer 's nachts als animeermeisje hoeft te verdienen, maar als kok. Dat ze voor de verandering eens een leuke man zal tegenkomen.
Die hoop blijkt ijdel. Rosa raakt steeds meer van de wereld vervreemd. Ze peinst over vroeger en nu, over familie en vrienden en over haar steeds schimmiger toekomst. Waar moet het heen? Ze hoort wel steeds stemmen, maar kan met niemand praten. Op zeker moment voert ze alleen nog gesprekken met de vissen, dood of levend. Zonder normaal menselijk contact, zo lijkt Threes Anna te willen zeggen in haar mooi droevige roman, is op den duur geen leven meer mogelijk.
* * * * (= vier sterren
25 October 2006
