dogtroep

DOGTROEP was an international site specific theatre company, creating shows at extreme locations. For every project a more or less regular team of freelance actors, designers, musicians, inventors and technicians joined the core group. The artists worked in an interdisciplinary collaboration. Their fantasies and reactions about the location formed the basic material for the performance.

I was the artistic director from 1990 till 1999 and wrote and directed in these period all shows. Beisde that I was also responsible for the day to day management of the group. I had been a core member from the group from 1985 until 1999.

For Dogtroep I wrote and directed over 50 shows. Amongst those were performances on the remains of the Berlin Wall, during the war in Belgrade and just after the first elections in South Africa, as well as in the snow during the Winter Olympics in France, on an artificial lake at the World Expo in Seville and the opening of the Skyline Theatre in Chicago. We performed 5 weeks in the totally sold out Royal Carré Theatre in Amsterdam. It was a wide variety of shows, from huge outdoor spectacles with over 4 000 spectators to intimate indoor performances.

I made archaic stories about fear and survival. Read more about my working method.

Dogtroep 1975-2008

Read also the following article Dogtroep ended

Nederlands: 

Dogtroep werd in 1975 door Warner van Wely (1975 - 1990) en Paul de Leeuw (1975 - 1977) opgericht uit protest tegen de tegen de ontoegankelijkheid van de reguliere kunstvormen. Ze werden hierbij vooral geïnspireerd door de Engelse Performance theatergroepen uit die tijd, zoals Phantom Captain, Welfare State en John Bull Puncture Repair Kit. Vanaf de oprichting in 1975 tot aan 1990 vormden Warner van Wely, Jos Zandvliet ( 1975 - 2004) en Lino Hellings (1975 - 1992) de kern van de groep. Samen met Cathrien Bos (1975 - 1982) als zakelijk leider gaven zij de groep niet alleen in artistieke zin vorm, maar schiepen zij tegelijkertijd een internationale markt voor hun werk. Bij Dogtroep stonden beeld en muziek centraal, tekst speelde nauwelijks of geen rol. Per project werd de vaste kern bijgestaan door freelance acteurs, ontwerpers, muzikanten, uitvinders en technici. Hun individuele fantasieën vormden de basis voor de oorstellingen. De groep manifesteerde zich met een scala aan voorstellingsvormen: naast theatrale spektakels in de open lucht ook lokatievoorstellingen binnen, concerten, parades, tentoonstellingen en onaangekondigde publieksinfiltraties.

In 1975, toen de groep van start ging, bestond er nog geen circuit van zomerfestivals. Avontuurlijke organisatoren over heel Europa begonnen op straat en op het pleinen te programmeren. Dogtroep werd overal uitgenodigd. De voorstellingen en de speelstijl werden ontwikkeld in wisselwerking met het publiek van de grote steden. We noemen: Amsterdam, le Havre, Kopenhagen, Marseille, Frankfurt, Jeruzalem, Tel Aviv, Belgrado, Wenen, Berlijn, Wroclaw, Toronto, Moskou en Petersburg. Dogtroep groeide in deze periode uit tot een van de grote groepen in het zomercircuit. In 1984, toen de groep ter gelegenheid van de Amsterdamse Uitmarkt een vuurspektakel op de Dam speelde, schreef de NRC: " Recordbezoek Uitmarkt, Hoogtepunt Dogtroep". Als tegenwicht tot de grootschalige buitenoptredens speelde de groep s’ winters in binnenruimtes voor een veel kleiner publiek. Aanvankelijk vooral in Amsterdam in de Melkweg (o.a. "Doctor Mecanics Better Jokes" 1981) en in het Shaffytheater (o.a. "Geverfde Verhalen" 1982). Later speelde groep vooral op bijzondere binnenlocaties zoals de Martinuskerk() in Utrecht en de Cinetone filmstudio in Amsterdam ("Sterk Water" 1988). Deze periode vond zijn afronding in de opening van Uitmarkt 1990 met "Kluit zonder Vleugels", een van de grootste voorstelling uit de geschiedenis van Dogtroep - voor een publiek van 5500 man, met 70 medewerkers en geregistreerd door drie cameraploegen van de NOS. (Deze periode wordt beschreven door Warner van Wely in het boek "DOGTROEP - werkwijzen van wild theatermaken" - Amsterdam, 1992, ISBN 90-6403-5 - uitverkocht, kopieën verkrijgbaar bij de auteur. )

Na het vertrek van Warner van Wely in 1990 veranderde Dogtroep haar koers. De artistieke leiding werd overgenomen door Threes Schreurs (1985-1998)Threes Anna. De zakelijke leiding kwam in handen van Han Bakker (1989-1998). Het werk ontwikkelde zich van een sferische aanpak tot een meer dramatische benadering middels een gestuurde focus van de kijker. De projecten werden grootschaliger. De groep concentreerde zich op voorstellingen op ongebruikelijke lokaties, die gespeeld werden in langere series dan voorheen. Dogtroep trok van oude fabriekshallen naar watervlaktes, zandstranden en sneeuwhellingen. De schaalvergroting bracht met zich mee dat de kunstenaars van Dogtroep zich meer gingen specialiseren. Mede door groeiende aandacht van de televisie verwierf Dogtroep grotere bekendheid bij brede lagen van de bevolking. Uitnodigingen van de Olympsche Winterspelen in Albertville, de World Expo 1992 in Sevilla, de Frankfurter Buchmesse 1993 en het International Theatre Festival of Chicago 1994, vestigenden de reputatie van Dogtroep als belangrijk Nederlands cultureel export-product. In Nederland profileerde Dogtroep zich in deze periode vooral met de openluchtproductie De Mandarijn, die op de grote zomerfestivals meer dan 65 000 toeschouwers trok.

In augustus 1994 speelde Dogtroep een maand lang Noordwesterwals, op een scheepshelling van de voormalige NDSM-scheepswerf in Amsterdam-Noord. Het team dat deze voorstelling maakte was – zoals gebruikelijk bij Dogtroep – internationaal samengesteld en bestond uit 30 medewerkers. Noordwesterwals was een spectaculaire voorstelling met 1,2 miljoen liter water in de hoofdrol. Een reprise volgde in 1995. In datzelfde jaar maakte Dogtroep op basis van de gelijknamige productie een korte film. Oktober 1994 vertrok Dogtroep naar Zuid-Afrika, op uitnodiging van het Arts Alive Festival in Johannesburg. Hier ontstond een samenwerking met Zuid-Afrikaanse kunstenaars die tot op de dag van vandaag duurt. Ook ontstond er een intensieve samenwerking met de multiculturele Joegoslavische groep KPGT. In 1995 maakte Dogtroep met hen de co-productie Assimil, die gespeeld werd in een oude suikerfabriek in Belgrado. Begin 1996 bracht Dogtroep met Tsjechische kunstenaars de productie Kulhavy Tango uit in het Praagse theater Archa Divadlo.

In augustus 1996 maakte Dogtroep voor het eerst een grote productie voor een theaterzaal: Dynamo Mundi, in het koninklijk theater Carré. Dogtroep benaderde het gebouw als een lokatie. Daarom ging het theater tijdens de voorbereidingen van het project een maand lang dicht. De 32 uitverkochte voorstellingen werden door ruim 45 000 toeschouwers bezocht.

In 1997 maakte Dogtroep ter gelegenheid van de heropening van het Academisch Ziekenhuis in Groningen de voorstelling Adder Zonder Gras. De straat en de hoofdingang werden zes weken afgesloten en omgeleid om met/voor/achter/boven de hightech-gevel een voorstelling te maken en te spelen. Het koor en orkest, evenals de tachtig figuranten, werden grotendeels samengesteld uit ziekenhuispersoneel.

Dogtroep had in de jaren negentig 11 vaste medewerkers. De kerngroep werkte veelal samen met een groep van ca. tien “vaste” freelanders die regelmatig bij de grote projecten werden betrokken. Daarnaast deed er per productie een variërend aantal kunstenaars mee uit diverse disciplines. In het buitenland werd de groep altijd aangevuld met lokale kunstenaars. De projecten werden op lokatie ontwikkeld. Dogtroep begon haar voorstellingen zonder een van te voren vaststaand verhaal. De lokatie en de individuele creativiteit van de medewerkers was het uitgangspunt. Het werk varieerde van intieme binnenprojecten tot grote buitenspektakels. Jaarlijks maakte Dogtroep in de wintermaanden een periode vrij voor onderzoek, resulterend in kleinschalige presentaties in de eigen werkplaats in Amsterdam-Noord. In dit ‘Dogtroep-laboratorium’ was ruimte voor jong talent, en voor experiment en verdieping.

In maart 1998 werd Dogtroep door het noodlot getroffen, toen acteur Wieger Woudsma en lichtontwerper Marco Biagioni, medewerkers van de vaste kern, verongelukten. In de bestaande samenstelling maakte Dogtroep nog één grote voorstelling: Hotazel. In de daaropvolgende herfst verlieten negen van de elf leden van de vaste kern het gezelschap, onder wie artistiek leider Threes Schreurs en zakelijk leider Han Bakker. Er werd vanuit de freelancersgroep een nieuw team opgebouwd onder de artistieke leiding van oudgediende Titia Bouwmeester (tot 2003) en zakelijke leiding van Henk Keizer (tot 2004).

Door een drastische verlaging van de structurele subsidie en interne onenigheid in 2004 moest Dogtroep reorganiseren. De voltallige artistieke staf werd ontslagen, inclusief Jos Zandvliet, componist en artistiek medewerker van het eerste uur (hij is sterk bepalend geweest voor de visuele stijl en voor het geluidsbeeld van Dogtroep). Na een uitgebreide sollicitatieprocedure werd Henk Schut aangesteld als artistiek leider, hij startte met de opbouw van een nieuwe ploeg deels gebaseerd op de oorspronkelijke werkwijze van Dogtroep en met een sterk verkleinde groep zette hij ook een nieuwe koers uit.

Dogtroep maakte van 1975 tot 2007 meer dan 250 verschillende voorstellingen en projecten. De groep heeft door de jaren een totaal eigen werkwijze ontwikkeld, die over de hele wereld veel navolging heeft gevonden.

Op 13 februari 2008 werd bekend gemaakt dat Dogtroep eind 2008 stopt, als gevolg van verminderde subsidies en het vertrek van een aantal medewerkers.

Lees ook dit artikel over het einde van Dogtroep